Informatie over deelname

Wedstrijden

Je kan onder ‘wedstrijden’ informatie terugvinden over wedstrijden met kalenders van o.a. de Val voor indoor, outdoor, veldlopen en kampioenschappen. evenals ook onze eigen organisaties. Bij sommige wedstrijden zullen trainers aanwezig zijn, vraag dit gerust even na bij jouw trainer.

Heb je geen vervoer en wil je toch gaan? Bespreek dit gerust met jouw trainer of vraag dit aan jouw clubgenoten die wel ter plaatse geraken.

De resultaten van een veldloop, pistemeeting of indoormeeting zijn te verkrijgen op het wedstrijdsecretariaat of op de site van de organiserende club.

Wat heb ik nodig

Verplichte uitrusting

  • Wedstrijdtruitje van de club (Heb je dit nog niet, dan kan je dit altijd aankopen)
  • Persoonlijk borstnummer  (gekregen bij inschrijving en geldig van 1 nov. tot en met 31 okt.)
    Mocht je ooit op een wedstrijd aankomen en merken dat je jouw nummer niet bij je hebt, dan kan je op het wedstrijdsecretariaat een vervangnummer krijgen.Dit nummer is slechts geldig op die welbepaalde wedstrijd.
    Vanaf het atletiekseizoen 2017 moet het wedstrijdnummer altijd vooraan gedragen worden. Enkel bij hoog- en polsstokspringen mag de atleet nog kiezen (!)

    Wat doen bij verlies van je borstnummer?
    Mocht je toch ooit je nummer verliezen, dan moet je zo snel mogelijk de secretaris (za@val.be) verwittigen. De secretaris kan dan voor een nieuw nummer zorgen.

Pistemeeting

Bij een pistemeeting moet je jezelf inschrijven voor elke proef waaraan je deelneemt, dit zal op het secretariaat zijn. Per proef vul je een wedstrijdkaartje in en bezorg dit zeker terug of steek het in het juiste voorziene vakje op het secretariaat. Probeer zeker steeds 1u voor de start van je proef op de wedstrijd aanwezig te zijn om jezelf goed op te warmen en tijdig je kaartje in te dienen.

wedstrijdkaartje_piste_indoor

Wat moet je nu op zo’n wedstrijdkaartje invullen?
– je borstnummer
– de proef waaraan je deelneemt (VER, KOGEL, HOOG, 100m, 1000m, …)
– je categorie (BEN, PUP, MIN, CAD, SCH, JUN, …)
– je naam, voornaam en geboortejaar
– de afkorting van onze club: ZA
– jouw beste prestatie van het jaar (reeksindeling bij loopnummers wordt op deze manier bepaald)

Veldloop

Bij veldlopen gebruik je een ander wedstrijdkaartje. Dit kaartje moet je ingevuld achter je borstnummer vastspelden om de wedstrijd te mogen starten. Bij het overschrijden van de aankomstlijn wordt dit kaartje door de juryleden losgemaakt om jouw prestatie in de uitslag op te nemen.
Dit is steeds te verkrijgen bij de trainers.

wedstrijdkaartje_veldloop

Wat moet je nu op zo’n wedstrijdkaartje invullen?
– je borstnummer
– je categorie (BEN, PUP, MIN, CAD, SCH, JUN, …)
– je naam, voornaam en geboortejaar
– de afkorting van onze club: ZA
– datum van deelname
– De organiserende club (afgekort)

Wat neem ik mee

  1. Wedstrijdtruitje (of wedstrijdtopje) van de club + startnummer (zonder een clubtruitje mag je in principe niet starten)
  2. Wit crosskaartje als je aan een veldloop meedoet.
  3. Een T-shirt om onder je singlet te dragen bij koud weer
  4. Veiligheidsspelden en balpen om je inschrijvingskaartje in te vullen
  5. Spikes met pinnen:
    • Max. 6mm voor pistewedstrijden en indoorwedstrijden
    • 9mm of langer voor veldloop wedstrijden
  6. Warme kledij waarmee je kan lopen (voor je opwarming en het uitlopen)
  7. Regenkledij (bij eventuele regen)
  8. eventueel douchegerief voor na de wedstrijd
  9. Reservekledij: ondergoed en droge kleren
  10. Paar sokken (1 paar voor de wedstrijd zelf en 1 paar voor erna)
  11. Paar schoenen of pantoffels voor na de wedstrijd

Enkele Raadgevingen

Maaltijd

Probeer de laatste maaltijd voor de wedstrijd minstens 3 uur voorafgaand aan de
wedstrijd te nuttigen en drink vooral water (beperk de hoeveelheid sportdranken).

Timing

Wees minstens 60 minuten voor je individuele wedstrijd aanwezig op de wedstrijd.

Kledij

  1. Voldoende kledij aandoen, afhankelijk van de weersomstandigheden. trainingspak en/of sweater met lange broek, t-shirt, regenjasje (bij regen pet of muts niet vergeten). Bij hevige regenval zijn laarzen handig om aan te doen voor de verkenning van het parcours.
  2. Nooit opwarmen met de spikes (deze worden op het einde aangedaan, nog enkele versnellingen kan natuurlijk geen kwaad). Pas na de opwarming en versnellingen wordt de opwarmingskledij verwisseld voor de wedstrijdsinglet (+ eventueel droge t-shirt eronder) alsook worden de eventuele natte sokken geruild voor droge sokken en de spikes aangetrokken.
  3. Altijd ook minstens een aantal veiligheidsspelden bij hebben voor het opspelden van de startnummer (borstnummer geldig voor het volledige sportjaar) en veldloop kaartje. De veldoopkaartjes zijn te verkrijgen bij de begeleiders.
  4. Douchegerief en propere kledij om na de wedstrijd te gaan douchen.

Opwarming

  1. Verkenning van de wedstrijdomloop (samen met de trainer tot en met Min op sommige parcours)
  2. Na deze verkenning wordt er gestart met de opwarming : loslopen, stretchen en versnellingen. Bij voorkeur niet op de omloop.
  3. Na de opwarming : aantrekken van de wedstrijdkledij en spikes en daarboven trainingsvest en trainingsbroek (bij voorkeur met rits aan de benen) dat je uitdoet net voor je aan de start staat.

Wedstrijd

  1. Minstens 10 minuten voorafgaand aan de start in de omgeving van de start aanwezig zijn.
  2. De juryleden zullen wel zeggen wanneer het trainingspak mag uitgetrokken worden door de melding “klaarmaken”.

Na de wedstrijd

  1. Zo snel mogelijk de wedstrijdsinglet en shirt uitdoen en droge warme kledij aandoen.
  2. Uitlopen
  3. Douchen
  4. Naar de prijsuitreiking gaan (indien er natura prijzen worden gegeven).
  5. Iets eten en drinken (vooral water of eventueel recuperatie drank).